Voorwoord
Ruim anderhalf jaar had ik twee vragen over 'kijkers' op mijn site staan, alle twee werden plotseling binnen een week opgelost.
Vooral door naspeuringen verricht door Edwin Herkert kwam alles vlot op gang. Een dag na de aanzet tot een oplossing over een Duitse kijker kwam ook uit de koker van Edwin
de oplossing over de Elbow Telescope! Ter bevestiging kwam ook dezelfde uitkomst uit Amerika bij monde van Jeff Lewis weer een dag later.
Om het verhaal compleet te maken volgt hieronder het verhaal waar de Elbow Telescope thuishoorde. Over de Duitse kijker is een andere pagina gewijd.
De Elbow Telescope M16
Hoe het begon
De Elbow Telescope schafte ik enkele jaren geleden aan in het wrakkenmuseum nabij Port-en-Bessin. Daar wist de verkoopster niet waar het van afkomstig was. Maar omdat het nogal een indrukwekkend apparaat was, met restanten van schelpjes van het jarenlang op de zeebodem rusten, schafte ik het aan. Altijd dacht ik dat het van een stuk scheepsgeschut kwam van één of ander schip dat voor de Normandische kust lag. Ik wijde er een 'vragenpagina' aan op mijn website. En nu (augustus 2003), ongeveer ander half jaar later, is daar de oplossing. De Elbow Telescope M16 bleek afkomstig te zijn van een M2A1 houwitzer dat geplaatst was in een M7 'Priest' gemotoriseerd kanondrager! In september 2003 keerde ik terug in het ‘wrakken’ museum nabij Port-en-Bessin. Hier kreeg ik de bevestiging dat de bewuste Elbow Telescope wel degelijk afkomstig was uit de M7 'Priest' die in de museumcollectie tentoon gesteld staat.
De M7 'Priest' in het wrakken museum te Port-en-Bessin
De ontwikkeling van de 105mm M7 'Priest'
Om voldoende steun te kunnen geven aan de infanterie was het nodig om een gemotoriseerd kanon te ontwikkelen. Met de ervaring die was opgedaan om een 105mm houwitzer op een Half Track te plaatsen wilde het Amerikaanse leger een 105mm kanon op een rupsvoertuig te zetten. De M3 en M4 Middelzware tank chassis (Lee Grant en Sherman tank) bleek daar uitermate geschikt voor. In het chassis werd het kanon iets rechts van het midden geplaatst. Aan de rechterzijde was een opvallende ronde stalen toren die een .50 machine geweer herbergde. Twee prototypen (T32) werden in februari 1942 geaccepteerd en zouden als M7 Houwitzer Motor Carriage (HMC) worden geproduceerd. Vanwege de ronde toren op het voertuig, dat op een kansel leek, noemden de Britten de M7 de 'Priest'.
Een M7 in Normandië, let op de hoge zijkant om te waden.
Het kanon, een M1A2 105mm L/22.5 houwitzer, werd bediend door 6 man en 6 extra als reserve. Drie waren nodig om het kanon te richten, laden en af te vuren. De chauffeur, assistent-bestuurder en een reserve schutter hielpen met het uitpakken en doorgeven van de munitie. De schutter links van het kanon gebruikte een zogenaamd panoramische telescope (M12A2) en een Range Quadrant M4 om het kanon zijwaarts en in elevatie te bedienen tijdens indirect vuur. Om direct gericht vuur te geven, richtte de schutter aan de rechterzijde via een Elbow Telescope M16.
De zwarte cirkel geeft de positie aan voor de Elbow Telescope M16
M7
De eerste M7's die geproduceerd werden hadden het M3 chassis. Latere modellen gingen over op het M4 onderstel. De aandrijving ging door middel van de Continental R-975 C1 radiaal motor (350 pk). De eerste actie die de M7 zag was in handen van de Britten, die in september 1942 negentig exemplaren ontvingen en inzetten bij El Alamein
M7B1
Toen het chassis ven de M4A3 beschikbaar kwam voor de 'Priest', kreeg het de aanduiding M7B1. Als motor werd in deze versie de Ford GAA V-8 (450 pk) geďnstalleerd.
Aan de buitenzijde valt het verschil tussen de M7 en de M7B1 op aan de rups-geleiding. De M7B1 had als extra terugloop rollers voor het bovenste loopvlak. Beide versies hadden een snelheid die gelijk lag, ongeveer 40 km/u en de actieradius lag tussen de 160 en 200 km.
Ook het gewicht lag ongeveer gelijk voor beide types, rond de 25 ton.
Een M7B1
Sexton
Hoewel de Britten de 'Priest' succesvol gebruikten wilden ze graag een 25-pounder kanon op het voertuig. De, te Montreal gevestigde, Canadese firma Locomotive Works kwam hun wens tegemoet door een RAM tank te voorzien van een 25-pdr C Mk II. De Sexton was geboren en kwam als zodanig in september 1943 in dienst. Op het oog vertoonde het voertuig grote overeenkomsten met de M7, alleen de ronde geschutstoren voor de .50 machine geweer ontbrak en de bestuurder zat aan de rechterkant. Van de Sexton werden er 2150 gebouwd voor de productie stopte in 1945 (het bleef dienst doen tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw bij de Britse strijdkrachten). Na juli 1944 begon de Sexton de M7 'Priest' te vervangen binnen de 21st Army Group in West Europa. De nu overbodige 'Priests' van het 2nd Canadian Corps werden ontdaan van hun houwitzer en onder de naam 'Kangaroo' als bepantserde personeels vervoerder ingezet. Tussen oktober 1944 en april 1945 werden er 120 op deze wijze omgebouwd.
Een gepreserveerde Sexton in
Ver-sur-Mer, Normandië.
M37
In 1945 komt de opvolger van de M7 op de markt in de vorm van de M37. Als onderstel heeft dit type het M24 chassis, dat ook de 'Chaffee' tank draagt. Als houwitzer wordt de 105mm van de M4 Sherman geplaatst. Ondanks dat het gewicht 'slechts' 23 ton bedraagt, is er meer ruimte voor opslag en om in te werken. De voorstuwing komt van een Twin Cadillac Series 44, V-8 (220 pk) die het een snelheid geeft van 50 km/u en een actieradius van 160 km. Er werden 316 van gebouwd maar het zag geen actie in de Tweede Wereldoorlog.
Een gepreserveerde M37
Keer terug naar boven
GA TERUG
|